ried

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ried

Werkwoord

(verouderd)

vervoeging van
raden

ried

  1. enkelvoud verleden tijd van raden
    • Ik ried. 
    • Jij ried. 
    • Hij, zij, het ried. 
Synoniemen

Gangbaarheid

27 % van de Nederlanders;
18 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be