redundant

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·dun·dant
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen redundant redundanter meest redundant
verbogen redundante redundantere meest redundante

Bijvoeglijk naamwoord

redundant

  1. overvloedig
Verwante begrippen
Gangbaarheid
71 % van de Nederlanders
74 % van de Vlamingen.

Meer informatie