raampje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • raam·pje
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van raam met het achtervoegsel -pje

Zelfstandig naamwoord

raampje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord raam