proportionaliteit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·por·ti·o·na·li·teit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord proportionaliteit
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

proportionaliteit[1]

  1. evenredigheid dat de verhouding tussen twee variabelen constant is
  2. een rechtsbeginsel waarbij een straf, zoals een vonnis van de rechter, in verhouding moet zijn met de overtreding.
    • Een levenslange gevangenisstraf voor een diefstal is een inbreuk op het proportionaliteitsbeginsel.  


Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen