polderen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pol·de·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
polderen
polderde
gepolderd
zwak -d volledig

Werkwoord

polderen

  1. (politiek) compromissen sluiten en samenwerken als kernpunt van politiek beleid.
    • In Nederland is het polderen een normaal gebruik om besluiten te nemen. 
  2. het aanleggen en beheren van polders.
Verwante begrippen

Meer informatie

Gangbaarheid