partijleider

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • par·tij·lei·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord partijleider partijleiders
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

partijleider m

  1. (politiek) een hoge of de hoogste functie binnen een politieke partij de functie hoeft niet in de statuten van de partij te staan.
    • Mark Rutte is de politieke leider van de VVD, Henry Keizer is de partijvoorzitter daarnaast heb je nog de twee fractievoorzitters, zij zijn allen min of meer partijleider te noemen. 
    • Xi Jinping is de Secretaris-Generaal van de communistische partij van China, sinds 1982 is er geen partijleider meer. 

Meer informatie

Gangbaarheid