onbetwistbaar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·be·twist·baar
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen onbetwistbaar onbetwistbaarder onbetwistbaarst
verbogen onbetwistbare onbetwistbaardere onbetwistbaarste
partitief onbetwistbaars onbetwistbaarders -

Bijvoeglijk naamwoord

onbetwistbaar

  1. waar niet meer over te discussiëren valt
    • Johan Cruijff is onbetwistbaar de grootste voetballer van Nederland van de 20ste eeuw. 
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be