normale

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nor·ma·le

Bijvoeglijk naamwoord

normale

  1. verbogen vorm van de stellende trap van normaal
     Angst is heel krachtig als deze je normale vertrouwen ondermijnt en kan op elk moment terugkomen in de vorm van een paniekaanval.[1]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia


Deens

Woordafbreking
  • nor·ma·le
Naar frequentie 2928

Bijvoeglijk naamwoord

normale, g / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van normal

normale, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van normal


Noors

Woordafbreking
  • nor·ma·le
Naar frequentie 3639

Bijvoeglijk naamwoord

normale, m / v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van normal

normale, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van normal


Nynorsk

Woordafbreking
  • nor·ma·le

Bijvoeglijk naamwoord

normale, m /v / o

  1. bepaalde vorm enkelvoud van de stellende trap van normal

normale, mv

  1. onbepaalde en bepaalde vorm meervoud van de stellende trap van normal