mobieltjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mo·biel·tjes

Zelfstandig naamwoord

mobieltjes mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord mobieltje

mobieltjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord mobiel