minde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • min·de

Werkwoord

vervoeging van
minnen

minde

  1. enkelvoud verleden tijd van minnen
    • Ik minde. 
    • Jij minde. 
    • Hij, zij, het minde.