menens

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·nens

Zelfstandig naamwoord

menens

  1. genitief van menen: serieus, ernstig zonder grap
    • Hij bracht zijn vroegere vriend menens een flinke klap toe en zo barstte er een strijd los. 

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.