melange

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·lan·ge
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘mengsel’ voor het eerst aangetroffen in 1824 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord melange melanges
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

melange v/m

  1. mengsel
    • Engelse melange is een mengsel van verschillende theesoorten. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen