maçon
Uiterlijk
- ma·çon
- uit het Frans
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | maçon | maçons |
| verkleinwoord |
- (filosofie) lid van een vrijmetselaarsorde die zich o.a. bezig houdt met vrijmetselarij
- Het woord maçon staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- in de betekenis van "vrijmetselaar", (verkorting) van franc-maçon
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| maçon | le maçon | maçons | les maçons |
maçon m
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Filosofie in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 5
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Verkorting in het Frans
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Beroep in het Frans