mám

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • mám

Zelfstandig naamwoord

mám

  1. genitief meervoud van máma

Werkwoord

mám

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd aantonende wijs van het imperfectieve werkwoord mít: (ik) heb


Slowaaks

Uitspraak
Woordafbreking
  • mám

Zelfstandig naamwoord

mám

  1. genitief meervoud van máma

Werkwoord

mám

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd aantonende wijs van mať: (ik) heb