lobben

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lob·ben

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie als werkwoord

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
lobben
lobde
gelobd
zwak -d volledig

Werkwoord

lobben

  1. (badminton) het spelen van een lob

Zelfstandig naamwoord

lobben mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord lob

Gangbaarheid

73 % van de Nederlanders;
81 % van de Vlamingen.