latter

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak

Werkwoord

latter

  1. (spreektaal) trappen, slaan
    «Quand il a ramené son bulletin à la maison, mon p’tit frère s’est fait latter par mon père.»
    Toen hij met zijn rapport thuiskwam kreeg mijn broertje klappen van mijn vader. [1]

Verwijzingen