jochie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jo·chie

Zelfstandig naamwoord

jochie o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord joch
enkelvoud meervoud
jochie jochies

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.