hystericus

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hys·te·ri·cus
enkelvoud meervoud
naamwoord hystericus hysterici
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

hystericus m

  1. iemand die hysterisch is

Gangbaarheid

83 % van de Nederlanders;
74 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be