huset

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Deens

Woordafbreking
  • hu·set
Naar frequentie 514

Zelfstandig naamwoord

huset, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van hus


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • hu·set
Naar frequentie 369

Werkwoord

huset

  1. verleden tijd van huse
  2. voltooid deelwoord van huse
Schrijfwijzen

Zelfstandig naamwoord

huset, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van hus


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • hu·set

Zelfstandig naamwoord

huset, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van hus


Zweeds

Woordafbreking
  • hu·set

Zelfstandig naamwoord

huset, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van hus