gevarieerde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·va·ri·eer·de

Deelwoord

gevarieerde

  1. verbogen vorm van het voltooid deelwoord gevarieerd van variëren

Bijvoeglijk naamwoord

gevarieerde

  1. verbogen vorm van de stellende trap van gevarieerd