edict
Uiterlijk
- edict
- Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘verordening’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1482 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | edict | edicten |
| verkleinwoord | edictje | edictjes |
het edict o
- een belangrijk besluit uitgevaardigd door een vorst
- In 864 vaardigde Karel de Kale een edict uit dat de laatste succesvolle poging van een Karolingisch vorst was om sociale en monetaire hervormingen door te voeren.
- Het woord edict staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "edict" herkend door:
| 67 % | van de Nederlanders; |
| 60 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "edict" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 67 %
- Prevalentie Vlaanderen 60 %