dégobiller

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Frans

Uitspraak

Werkwoord

dégobiller

  1. (spreektaal) overgeven, kotsen
    «Après le déjeuner, j’ai dégobillé les moules, elles n’étaient pas fraîches.»
    Na de lunch ben ik over mijn nek gegaan van de mosselen, die waren niet vers. [1]

Verwijzingen