crosscup

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cross·cup
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Engels
enkelvoud meervoud
naamwoord crosscup crosscups
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

crosscup m

  1. een veldloopcriterium in België, dat uit 8 verschillende crossen bestaat, met als opener een estafettewedstrijd
    • Langeafstandsloopster Sifan Hassan heeft in Brussel de vierde wedstrijd in de Lotto CrossCup op haar naam geschreven. De Nederlandse atlete snelde na 6 kilometer als eerste over de finish in het Park van Laken. Medekoploopsters Zewdnesh Ayele uit Ethiopië en Fionnuala Britton uit Ierland hadden geen antwoord op haar eindsprint. [1] 
    • Louise Carton legt zich als atlete toe op de (middel)lange afstand en het veldlopen. Ze werd in 2015, 2016 en 2017 Belgisch kampioene veldlopen en won drie keer het regelmatigheidscriterium de CrossCup. [2] 

Gangbaarheid

44 % van de Nederlanders;
84 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen