cracker

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

cracker
Uitspraak
Woordafbreking
  • crac·ker
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘droge biscuit’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1950 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord cracker crackers
verkleinwoord crackertje crackertjes

Zelfstandig naamwoord

cracker m

  1. een soort biscuit die is ontstaan als vorm van scheepsbeschuit
    • De eerste echte cracker ontstond toen een andere bakker uit Massachusetts, Josiah Bent, in 1801 een beschuitje aanbrandde in zijn steenoven. Het krakend geluid dat dit maakte inspireerde tot de naam cracker (Engels voor kraker). 

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen