breder
Uiterlijk
- bre·der
breder
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van breed
- ▸ 'Dit kan dus niet,' mompelde hij toen hij de bedragen las. Toen Jeroen de bedragen nogmaals bij elkaar optelde, kwam hij echter tot dezelfde eindconclusie. 'Dit kan dus wél. ' De glimlach op zijn gezicht werd breder.[1]
- ▸ Behalve aristocraten werden ook rijke burgers aangetrokken door de sport, en al snel ook een breder publiek.[2]
- Het woord breder staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑ “All-inclusive”
(2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht
, ISBN 90-229-9182-2 - ↑ Onno van Nijf“Sportgeschiedenis” (2021), Athenaeum - Polak & Van Gennep
, ISBN 9789025312275