boudweg

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • boud·weg
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van boud met het achtervoegsel -weg

Bijwoord

boudweg

  1. zelfverzekerd, gedurfd
    • Kwaliteit aanbieden is boudweg gesteld de kracht van deze speciaalzaak. 
Vertalingen

Gangbaarheid

29 % van de Nederlanders;
48 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be