bevlekt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·vlekt
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van bevlekken: de stam met de uitgang -t, zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
bevlekken

bevlekt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bevlekken
    • Jij bevlekt. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bevlekken
    • Hij bevlekt. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van bevlekken
    • Bevlekt! 
  4. voltooid deelwoord van bevlekken