beschut

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
St Servaas staat beschut door de adelaar.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·schut
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van beschutten: de stam zonder -t omdat de stam al op -t eindigt en zonder ge- vanwege voorvoegsel
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen beschut beschutter beschutst
verbogen beschutte beschuttere beschutste
partitief beschuts beschutters -

Bijvoeglijk naamwoord

beschut

  1. tegen ongewenste invloeden, meestal regen, beveiligd
    • De beschutte hut bleek geen partij voor de razende storm. 
Antoniemen

Werkwoord

vervoeging van
beschutten

beschut

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van beschutten
  2. gebiedende wijs van beschutten
  3. voltooid deelwoord van beschutten

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.