bate

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·te
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van baat met het achtervoegsel -e

Zelfstandig naamwoord

bate

  1. verouderde datief van baat
    • Ten bate van. 
    • De erfenis komt volledig ten bate van zijn vrouw. 

Werkwoord

vervoeging van
baten

bate

  1. aanvoegende wijs van baten

Gangbaarheid


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
batir

bate

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van batir
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van batir