Naar inhoud springen

autonome

Uit WikiWoordenboek
  • au·to·no·me

autonome

  1. verbogen vorm van de stellende trap van autonoom
     ' Protest is in deze situatie, die sterk aan de autonome techniek van Ellul of aan de megamachine van Mumford doet denken, in feite onmogelijk.[1]
     Daarmee was het toernooi echter nog geen autonome activiteit die we zonder meer als sport kunnen beschouwen.[2]
  1. Hans Achterhuis
    “De erfenis van de utopie” (1998), Ambo/Anthos uitgevers op Wikipedia, ISBN 9026315244
  2. Onno van Nijf
    “Sportgeschiedenis” (2021), Athenaeum - Polak & Van Gennep op Wikipedia, ISBN 9789025312275
  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
autonome autonomes

autonome

  1. (politiek) (techniek) (filosofie)  autonoom bn ; op zichzelf staand; onafhankelijk
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  autonome     l'autonome     autonomes     les autonomes  

autonome m/v

  1. (politiek)  autonoom zn