arriba

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • a·rri·ba

Bijwoord

arriba

  1. boven
  2. naar boven
Verwijzingen

Werkwoord

vervoeging van
arribar

arriba

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van arribar
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van arribar