alde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Pennsylvania-Duits

Woordafbreking
  • al·de

Bijvoeglijk naamwoord

alde

  1. bepaald datief onzijdig enkelvoud van alt

alde

  1. bepaald accusatief onzijdig enkelvoud van alt
    «Die Franzeeser hen die Insching gfroogt mit zu fechde um ihr alde Land widderzugriege.»
    De Fransen hebben de Indianen gevraagd mee te vechten om hun oude land weer te krijgen.
Schrijfwijzen

alde

  1. bepaald nominatief onzijdig meervoud van alt

alde

  1. bepaald datief onzijdig meervoud van alt

alde

  1. bepaald accusatief onzijdig meervoud van alt
Opmerkingen