acces

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Forten sluiten het acces 1 af, dat uit hoog terrein 2 bestaat. Rondom de stad 3, bevindt zich laag terrein, tevens inundatiegebied 4, en het natuurlijk acces 5
Uitspraak
Woordafbreking
  • ac·ces
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Frans:toegang [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord acces accessen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

acces o [2]

  1. de doorgang door een geïnundeerd terrein
Synoniemen

Gangbaarheid

79 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen