aburrirse

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spaans

stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
aburrirse
aburría
aburrido
volledig

Werkwoord

aburrirse

Woordafbreking
  • a·bu·rrir·se
  1. wederkerend
  2. zich vervelen
  3. zich ergeren