сол
Uiterlijk

Zout
- сол
- Afkomstig van het Oerslavische solь en het Proto-Indo-Europese séh₂l-, séh₂ls.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | сол | соли |
| bepaalde vorm | солта | солите |
сол v
- alledaagse naam voor keukenzout bedoeld (natriumchloride): (voeding) zout
- «Би ли ми подал солта и пипера, моля.»
- Geef me het zout en de peper, alsjeblieft.
- «Би ли ми подал солта и пипера, моля.»
- chemische verbinding bestaande uit positieve en negatieve ionen: (scheikunde) zout
- Latijnse transcriptie: sol