zwakte
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /zwɑktə/
- (Vlaanderen, Brabant): /zwɑktə/
- (Limburg): /zwɑktə/, /zwɑgdə/
Woordafbreking
- zwak·te
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zwakte | zwaktes zwakten |
| verkleinwoord | zwaktetje | zwaktetjes |
Zelfstandig naamwoord
zwakte v
- het zwak-zijn
- Zwakte bij dieren in het wild kan gevaarlijk zijn; het dier heeft eerder de kans te worden aangevallen door een vijand.
- zwakke plek, zwak punt
- Zélfs die stoere jongen heeft zwaktes.