zuigfles
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- zuig·fles
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zuigfles | zuigflessen |
| verkleinwoord | zuigflesje | zuigflesjes |
Zelfstandig naamwoord
- een fles afgedekt met een kunstspeen, gewoonlijk voor het voeden van zuigelingen of jonge dieren
- Ik heb de zuigfles even klaargemaakt en opgewarmd.