zeeziek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zee·ziek
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen zeeziek zeezieker meest zeeziek
verbogen zeezieke zeeziekere meest zeezieke

Bijvoeglijk naamwoord

zeeziek

  1. een misselijk en beroerd gevoel hebbend door ongerelmatige beweging van een schip
    Toen pas wisten ze dat hij een zeezieke jongen was.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen