tube
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- tu·be
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | tube | tuben, tubes |
| verkleinwoord | tubetje | tubetjes |
Zelfstandig naamwoord
- een verpakking in kokervorm gemaakt van metaal of plastic gevuld met een halfvloeibare stof
- De tube werd gebruikt voor tandpasta.
- een fietsband waarin de binnenband in de buitenband genaaid zit
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Engels
Zelfstandig naamwoord
tube
- buis; een hol cilindrisch voorwerp.
Frans
Zelfstandig naamwoord
tube m
- buis; een hol cilindrisch voorwerp.