staking
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- sta·king
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van staken met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | staking | stakingen |
| verkleinwoord | stakinkje | stakinkjes |
Zelfstandig naamwoord
staking v
- het neerleggen van de werkzaamheden, meest uit protest of om verbeteringen af te dwingen
- Naar aanleiding van de deportaties van de joden brak er een staking uit.