schrijn
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- IPA:
- (Nederland) /sxrɛɪn/
- (Vlaanderen) /sçrɛːn/
Woordafbreking
- schrijn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | schrijn | schrijnen |
| verkleinwoord | schrijntje | schrijntjes |
Zelfstandig naamwoord
- fraai bewerkt kistje voor kostbaarheden
- Relikwieën worden veelal in schrijnen bewaard.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| schrijnen |
schrijn
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schrijnen
- Ik schrijn.
- gebiedende wijs van schrijnen
- Schrijn!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van schrijnen
- Schrijn je?
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.