ruïneren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ruï·ne·ren, ru·ine·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| ruïneren |
ruïneerde |
geruïneerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
ruïneren
- (overgankelijk) helemaal kapotmaken
- In de oorlog is de hele stad geruïneerd.
- (overgankelijk) iemand financieel te gronde richten
- Die zakenman is compleet geruïneerd.
Synoniemen
- [1] vernielen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. helemaal kapotmaken