premie
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- pre·mie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | premie | premies |
| verkleinwoord | premietje | premietjes |
Zelfstandig naamwoord
premie v
- de betaling aan een verzekeringsmaatschappij als tegenprestatie voor het aanhouden van een verzekering
- De premie was aan het begin van het jaar flink gestegen.
- de geldbonus die betaald wordt als een misdadiger gevangen wordt
- Er stond een flinke premie op het vinden van de kinderlokker.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. de betaling aan een verzekeringsmaatschappij als tegenprestatie voor het aanhouden van een verzekering
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.