pek

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pek
enkelvoud meervoud
naamwoord pek -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pek m en o

  1. bitumineuze vaste stof
    De rammeiers werden met hete pek bekogeld.