ongeval
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- on·ge·val
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ongeval | ongevallen |
| verkleinwoord | ongevalletje | ongevalletjes |
Zelfstandig naamwoord
ongeval o
- een ongeluk
Vertalingen
1. een ongeluk
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.