onderdanig
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- on·der·da·nig
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | onderdanig | onderdaniger | onderdanigst |
| verbogen | onderdanige | onderdanigere | onderdanigste |
Bijvoeglijk naamwoord
onderdanig
- gehoorzaam aan een leider
- De onderdanige leerling hield snel zijn mond toen de meester het vroeg.