merg
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- merg
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | merg | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
merg o
- (anatomie) het zachte weefsel in de kern van een bot
- Als het merg is aangetast door radioactiviteit worden er geen rode bloodlichaampjes meer aangemaakt.
- (plantkunde) het parenchymatische binnenste gedeelte van de plantenstengel of wortel
Synoniemen
- [1] beenmerg
Vertalingen
1.
2.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Noors
Zelfstandig naamwoord
- merg
- verouderde spelling of vorm van marg van vóór 2005
- (verouderd) onbepaalde vorm nominatief enkelvoud, mannelijk