korst

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • korst
enkelvoud meervoud
naamwoord korst korsten
verkleinwoord korstje korstjes

Zelfstandig naamwoord

korst v/m

  1. een harde buitenste laag om iets dat verder relatief zacht is
    Kinderen willen vaak de korst van hun brood niet opeten.
Afgeleide begrippen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen