ideaal

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ide·aal
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ideaal idealen
verkleinwoord ideaaltje ideaaltjes

Zelfstandig naamwoord

ideaal o

  1. iets wat men zich voorstelt als het hoogste en dat men wil verwezenlijken
    Hij kreeg de kans om zijn ideaal te verwezenlijken.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen


stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ideaal idealer ideaalst
verbogen ideale idealere ideaalste

Bijvoeglijk naamwoord

ideaal

  1. zo gunstig als mogelijk
Vertalingen


Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl