hoogmoed
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- hoog·moed
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | hoogmoed | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
hoogmoed m
- overschatting van eigen kunnen
- Het is hoogmoed om te denken dat je wel even van die jongen wint.
Vertalingen
1. overschatting van eigen kunnen